|
Joseph Desaever
+
24 september 1918
23
jaar
Veurne
|
|
Meester-meubelmaker
Aloisius Desaever en Constantia Gombert waren beiden afkomstig van
Wulpen. Ze trouwden er ook in 1887 en nog geen jaar later werd hun
zoon Carolus geboren. Hij werd de oudste van tien kinderen: na hem
kwamen nog Augustus, Silvia, Emilius, Augusta, Joseph, Bertha, Irma,
Maria en Daniël. Toen Joseph Desaever, de zesde in de rij, op 17
november 1894 geboren werd, werkte vader Aloisius al een viertal jaar
als schrijnwerker. Het gezin had zich ondertussen ook in Veurne
gevestigd. Aanvankelijk woonden ze in de Vestenstraat, Wijk A,
ongenummerd, en enkele jaren later trokken ze naar de Rozendaelstraat,
Wijk A, nummer 10. Joseph werd leerling aan het Bisschoppelijk
College.
De oorlog was twee maanden begonnen toen Joseph Desaever op 24
september 1914 opgeroepen werd voor het leger. Hij startte in het
opleidingskamp van de 6de divisie in La Haye du Puits in Frankrijk. Na
vijf maanden werd hij in het 2de Karabiniersregiment opgenomen. Door
onwettige afwezigheid moest hij heel wat dagen in het cachot of in de
politiekamer doorbrengen. In het cachot werd je 24 uur opgesloten, de
politiekamer diende voor opsluiting tijdens de vrije uren. Drie keer
kwam Joseph in het hospitaal terecht wegens blessures. In 1916 kreeg
hij opnieuw een opleiding in een kamp voor de artillerie in Frankrijk,
maar hij bleef bij zijn infanterieeenheid.
|