|
De slag bij Merkem, 17 april
1918 |
|
moesten om 7.50u. de
verdediging op zich nemen. Omdat de artilleriesteun zo traag op gang kwam,
haalden de Duitsers, ondanks de inspanningen van de 69ste Batterij, de
bovenhand. Ze konden al een stuk van het terrein veroveren. Toen ze echter
nog verder door probeerden te stoten, werden ze aan de ene kant opgehouden
door reservetroepen in loopgraven en aan de andere kant door
prikkeldraadversperringen en mitrailleurgeschut van het 13de Linieregiment,
dat een verbinding met het Britse leger gemaakt had.
Om 10.30u. deden de Duitsers nog een poging, maar de Belgische
machinegeweren haalden de bovenhand. De Duitse troepen slaagden er niet in
nog enig voordeel uit hun aanval te halen en moesten in de namiddag zelfs
achteruitwijken. Eén na één nam het Belgische leger de andere verloren
posten terug in. Om 18.30u. werd het laatste goed heroverd en om 21.00u.
moesten de Duitsers de post Honoré verlaten. Dat de Duitsers niet
onoverwinnelijk waren, was hiermee voor de Belgen bewezen.
De Duitse artillerie, die deze dag slecht presteerde, kon toch de Belgische
artillerie localiseren en enkele voltreffers plaatsen. Bij de 69ste Batterij
van Maurice Sobry vielen hierdoor minstens twee doden en een aantal
gewonden. Maurice was één van hen. Waar zijn
batterij
zich precies bevond is niet helemaal duidelijk. Zijn militair dossier
vermeldt Langemark, maar volgens een gedenkteken in Adinkerke werd hij in
Pilkem (grondgebied Boezinge) getroffen. De Batterij bevond zich in elk
geval achter de Martjevaart/Steenbeek. Maurice werd naar het hospitaal van
Beveren aan de IJzer gebracht en overleed er twee dagen later om 17.15u. aan
de gevolgen van zijn verwondingen.
Het chirurgisch
hospitaal van Beveren aan de IJzer was in februari 1917 opgericht onder
leiding van dokter Derache. Op slechts 9 km van het front was het vlot
bereikbaar, zodat gewonden al na enkele uren verzorgd konden worden. Tussen
16 en 18 april werden in Beveren 506 gewonden opgenomen en 230 operaties
uitgevoerd. Voor velen mocht de eerste hulp echter niet meer baten: in april
1918 noteerde men er 62 sterfgevallen.
Maurice Sobry werd in Bulskamp begraven. Van dit oorspronkelijke graf is
vandaag echter geen spoor meer. Waar Maurice de loop van de vorige eeuw
eventueel een nieuwe, definitieve rustplaats vond, is niet duidelijk. Beide
broers Sobry worden
herdacht
op een gedenkplaat voor soldaten die omkwamen in de
Eerste Wereldoorlog in Adinkerke.
Ella
Bultheel,
Ans Buylaert,
Kristel Janssens
|