College VEurne - lesbestanden - project Nederlands - Geschiedenis 2004-2005

Vierentwintig
Gezichten van een Grote Oorlog

 

 

 

Arthur Ternier


+ 28 september 1918
2
1 jaar
Veurne
 

 

Op 17 mei 1897 om drie uur ’s namiddags mochten Marie Louise, Jules, Georges, Hector en Achille Ternier in de Veurnse Ooststraat, Wijk A, nr. 3 hun nieuwe broertje Arthur verwelkomen. Hij was de zesde van negen in het gezin van landbouwer Hendrik Ternier en Renilde Sobry. Remi, Leo Gustaaf en André vervolledigden de rij. Een opmerkelijk detail is dat twee van de kinderen bij de geboorte rond de 5 kg wogen, terwijl moeder Renilde slechts 1,50 m groot was en tenger gebouwd. Hector en Leo Gustaaf stierven als baby: de oudste na een half jaar, de jongste al na een maand.

Het schoolleven van Arthur kunnen we pas vanaf 1909-1910 volgen. Hij was toen een leerling van de zesde moderne in het Bisschoppelijk College. André Dobbelaere, die ook in de oorlog zou sneuvelen, was een van zijn klasgenoten. In het schooljaar 1910-1911 kreeg Arthur ‘très bien’, of ‘omzeggens de volmaaktheid’ voor Frans. Iets voor een ijverige leerling? In familiekringen wordt verteld dat Arthur graag priester geworden was. De geschiedenis had echter iets anders met hem voor, zo bleek.

Net als zijn broers Jules, Georges en Remi werd Arthur in 1916 onder de wapens geroepen. Na zijn opleiding van maart tot eind juli 1916 in het onderrichtingskamp van het Franse Saint-Lô, vervoegde hij het 3de Linieregiment. Van 18 tot 26 april 1917, zes dagen maar, was Arthur soldaat in een compagnie van het 1ste Genie. Van dan af vocht hij als infanterist van het 3de Linieregiment, 2de Bataljon, 7de Compagnie.
 

 

Tijdens het bevrijdingsoffensief van september 1918 werd het 3de Linieregiment bij het Bos van Houthulst, Klerken, Staden, Lichtervelde en Torhout ingezet.
Bij de voorbereiding van dat offensief, dat van start ging op 28 september 1918, had het regiment aan vele gevechten deelgenomen in de sector van Merkem. Hier veroverde het bepaalde Duitse stellingen in het gehucht en kruispunt Kippe die als vertrekpunt voor een grotere actie moesten dienen.

De nacht van 27 op 28 september 1918 was duister en somber, het weer regenachtig en kil. Om 2 uur in de morgen was het 3de Linieregiment in stelling: helemaal vooraan het 1ste Bataljon, daarachter het 2de Bataljon en achteraan het 3de. Om 4.30u. sloten de verschillende bataljons dichter bij elkaar aan. Een uur later, om 5.25u. werd het artillerievuur oorverdovend. Traceerobussen lichtten de lucht helemaal op. Vijf minuten later verliet het regiment zijn dekkingen en wierp zich in een stormloop op de vijandelijke lijnen. Hoewel de gutsende regen het terrein tot een modderpoel herschapen had, was het moreel van de soldaten niet stuk te krijgen: ze voelden dat de bevrijding nabij was.

 

 

Om 7.30u. kruiste het 2de Bataljon de Preussenstellung en zijn steunlinie. Tal van sterke schuilplaatsen werden verdelgd en omsingeld, en ze vernietigden een batterij kanonnen die de weg van Jonkershove voortdurend bestookte. Om 9.30u. volgden het 3de en het 2de Bataljon het 1ste tot voorbij de Clerckenriegel.

De artillerie opende om 12.15u. het vuur om de aanvallende acties van de bataljons te steunen.
De granaten vielen echter te kort waardoor het 2de Bataljon werd onderworpen aan een geweldig bombardement van de eigen artillerie. In alle compagnieën werd de hele voorraad alarmvuurpijlen afgeschoten om de schietafstand te doen verlengen, maar niets hielp. Tussen 12.15u. en 16.00u. moesten de eenheden zich tot zes keer toe verplaatsen om het eigen artillerievuur te ontwijken.

Omstreeks 15.15u. ontvingen de bataljons het bevel achteruit te trekken. Het 2de Bataljon stelde zich ten oosten van de baan Klerken-Zwartegat op om het regiment te dekken. ’s Avonds was het 3de Linieregiment ongeveer 5 km in de vijandelijke stellingen doorgedrongen. Het vermaarde Bos van Houthulst zou uiteindelijk helemaal ingenomen worden.

Op die 28ste september werd Arthur Ternier met verwondingen geëvacueerd. Zijn gezicht en hoofd waren zo erg getroffen dat hij in de ziekenwagen op weg naar het ziekenhuis van
De Panne stierf. Aangezien hij tot het 2de bataljon behoorde, werd hij door de eigen Belgische artillerie getroffen ? Toen Remi Ternier zijn broer Georges de tragische boodschap wou brengen, bleek die ook net overleden. Georges Ternier, toen soldaat bij het 1ste Grenadiersregiment, was drie dagen na Arthur, op 1 oktober 1918, gesneuveld.

Elke Doom, Femke Platteeuw, Laure Rabaey