
|
|
> Archief > Per schooljaar > Schooljaar 2004-2005 > Impressie van Wim Danneels :: Izenberge - Kinshasa, een impressie
kort voor het vertrek van de reis... (Wim Danneels, zondag 22 augustus 2004) ’t Is nu ongeveer drie maanden geleden dat we op school bezoek kregen van Walter Van Wouwe en Lionel Bekaert van de Damiaanactie met de mededeling dat het College van Veurne als één van de partners mee mag op een inleefreis van een week naar Kinshasa, de hoofdstad van Congo. De datum van de reis werd enkele keren aangepast. Uiteindelijk is het vertrek voorzien op zaterdag 28 augustus, met SN Brussels Airlines, om 10.30 u. (vlucht 1030 – 1735 SN 357). De terugkomst in Zaventem is voor zaterdagmorgen 4 september (0715 SN 354).
Op dinsdag 5 augustus kwamen we voor de eerste keer samen met de ganse groep om informatie te krijgen over de reis, maar vooral om de andere deelnemers al een klein beetje te leren kennen. Het werd ons al vlug duidelijk dat alles zeer goed geregeld is en dat de verantwoordelijken van de Damiaanactie geen risico’s willen nemen. Chris Brussels en Gust Boudrez zullen bepalen wanneer we wat kunnen doen, of we foto’s mogen nemen en waar we ons kunnen begeven. Er op ons eentje op uittrekken om de stad te verkennen is uitgesloten. Tegen tropische ziekten hebben we ons goed gewapend: gedurende de voorbije weken moesten we ons laten inenten tegen hepatitis A, typhus, polio, tetanus en gele koorts. Vanaf vrijdag, één dag voor de reis moeten we veertien dagen lag elke dag een pil nemen tegen malaria. Verder moet muggenmelk ons beschermen tegen vervelende insektenbeten. We staan nu op minder dan een week voor het vertrek van de reis. Wat zijn mijn verwachtingen ? Hoe voel ik mij nu ?
Toen ik in Leuven studeerde heb ik een jaar op kot gezeten bij Witte Paters van Afrika die voor enkele jaren naar België terugkwamen om hier aan missiepastoraal te doen. De getuigenissen die ik toen van hen heb gehoord hebben me dikwijls doen dromen om eens ter plaatse kennis te maken met de Afrikaanse cultuur : het optimisme van de Afrikanen ondanks de ellende waarin zij leven schijnt merkwaardig te zijn. Vandaag, op kermiszondag in Izenberge, zat ik nog vooraan in onze parochiekerk om de wekelijkse eucharistie te vieren. Er waren welgeteld 32 mensen aanwezig in de kerk, naast een koor van een twintigtal oudere zusters uit Tielt die waren komen zingen. Op het programma van onze reis staat de eerste dag een bezoek gepland aan de parochie van Père Toon, waar we ook de zondagliturgie zullen volgen. Ik heb al meerdere keren een dia of een beeld gezien van een overvol Afrikaans kerkje, maar ik heb nog nooit ‘live’ deelgenomen aan een echte Afrikaanse viering. We zullen ongetwijfeld ook met veel ellende en armoede geconfronteerd worden. Armoede die we ons hier moeilijk kunnen voorstellen. Daar zal ze een concreet gelaat en een hoorbaar geluid krijgen. Ik ben benieuwd hoe ik daarop zal reageren. We zullen niet veel melaatsen zien, maar wel TBC-patiënten. Melaatsheid is een ziekte waar we in het Westen alleen maar van gehoord hebben. De verhalen uit onze kindertijd van de heldhaftige boerenzoon uit Tremelo, Jozef De Veuster, die naar Molokaï trok om op de meest ellendige plek van de wereld een leefgemeenschap voor leprapatiënten te bouwen hebben ook mijn verbeelding sterk aangesproken. Ik verwacht in Kinshasa geconfronteerd te worden met volgelingen van pater Damiaan, ook al kennen ze hem niet altijd, maar die zich vandaag even heldhaftig inzetten voor hun zieke medemensen in vaak hopeloze omstandigheden. TBC of tuberculose, die andere ziekte waar de NGO Damiaanactie tegen strijdt breidt zich momenteel terug sterk uit. Er bestaan nochtans goede geneesmiddelen om de ziekte tegen te houden, maar daarvoor moet de internationale politiek en de individuele solidariteit van de ene mens voor de andere meer aandacht hebben voor deze problematiek. Zelf heb ik meer dan dertien jaar vrijwilligerswerk gedaan in enkele Poverello-huizen en ben ik redelijk goed vertrouwd met de problematiek van de kansarmoede in ons eigen land. Ik vraag me af of de Afrikareis die ik nu mag maken mij een ander beeld zal geven van wat ‘armoede’ is. Nu heb ik een beeld in mijn hoofd van de materiële ellende van de Derde Wereld die moeilijk te vergelijken is met de grote geestelijke ellende van de Vierde Wereld bij ons. Klopt dit of is het eerder cliché ? Op vraag van de dokters in Congo die ons zullen ontvangen, hebben we enkele ‘cadeautjes’ verzameld om mee te nemen: draad om wonden te hechten, handschoenen, medicamentenstalen en sondes. Voor de voetbalploeg van de kinderen van leprapatiënten hebben we truitjes, sportbroekjes, enkele ballen en schoolgerei mee. Allemaal spullen die we door gulle handen op korte tijd gekregen hebben. Nu vraag ik mij nog af of het getuigenis van onze reis dat we zullen brengen bij onze terugkomst iets zal kunnen teweegbrengen om de Damiaanactie in de toekomst verder te kunnen ondersteunen. Ik hoop dat we (geloof-)waardige ambassadeurs van de Damiaanactie mogen worden…
Meer informatie over de Damiaanactie en haar werking vindt u op www.damiaanactie.be.
|